Johannes Vermeer, schilder van het licht 1632-1675 | Vermeer Centrum Delft geeft inzicht in licht

Wanneer je in je leven al het werk van de Delftse schilder Johannes Vermeer wil zien, zul je een wereldreisje moeten maken. In Nederland zijn in musea zeven werken van hem te bewonderen. De rest vind je in de Verenigde Staten, Duitsland, Frankrijk, Ierland, Oostenrijk en het Verenigd Koninkrijk. Daar hangt zelfs een werk in Buckingham Palace. Misschien is het een idee om zoveel mogelijk werken van hem een keer naar Nederland te halen voor een mooie overzichtstentoonstelling. Gewoon een paar maanden terug naar de geboortegrond van de werken. Voor de trotse Delftenaren moet zoiets op termijn toch wel te realiseren zijn.  Voorlopig moeten ze het daar nog doen met het Vermeer Centrum. Mocht ik ooit in de gelegenheid komen om zijn kunst in werkelijkheid te kunnen aanschouwen, dan heb ik in elk geval mijn basiskennis over hem al opgedaan in dit centrum.


Johannes Vermeer was een van de grote drie uit de Gouden Eeuw. Terwijl over het leven van  Rembrandt en Frans Hals veel te vinden is, is over dat van Vermeer weinig bekend. Dat maakt het allemaal nog net wat spannender om zijn werk te kunnen duiden. We weten niets over zijn jeugd, en hebben wel een hele lijst met kandidaten die zijn leermeester zouden kunnen zijn geweest, maar het blijft voorlopig gissen. Er zijn geen gegevens over zijn opleiding bekend. Door continu onderzoek komen er wel steeds meer zaken over hem boven tafel, of misschien zelfs boven de schildersezel. Vermoedelijk maakte hij in zijn leven veertig tot vijftig schilderijen, waarvan  vierendertig, mogelijk zelfs zevenendertig, werken bewaard zijn gebleven. En om die allemaal te zien, is die wereldreis wel even nodig.


Dat hebben ze in Delft goed begrepen. De trots op Vermeer straalt nog in de hele stad, en hoewel je niet meer die figuren achter de geveltjes ziet, die op zijn werken zo in eenvoud stralen, proef je tussen alle souvenirwinkeltjes met Delfts aardewerk, zowel echt als in een goedkopere imitatie, en de sfeervolle grachtjes, nog steeds de geest van Vermeer. In het Vermeer Centrum zijn alle bekende werken van Vermeer als kopie op ware grootte te zien. Maar sterker dan dat is er de geweldige kennis die je hier opdoet, en het inzicht in de technieken die hij gebruikte. Een leerzame plek om Vermeer beter te leren kennen.  


Het centrum wordt bemand door vrijwilligers. De vriendelijke dame die mij ontvangt, spreekt over een tachtigtal  mensen die hier de nodige diensten verrichten. Iedereen is er van harte welkom. Er komen veel mensen uit de Verenigde Staten en Japan op bezoek. Een enkeling draait meteen bij de kassa teleurgesteld om, als hij verneemt dat er geen originele Vermeers te zien zijn. Bijna dagelijks zijn er mensen die vragen waar ze het “straatje van Vermeer”  nu precies kunnen vinden. Maar een blik in het gastenboek leert dat er vooral grote tevredenheid is onder de bezoekers. “Je mag er alles bekijken, je mag foto’s maken, je kunt alle informatie bij je binnen laten komen, maar we zijn geen museum, “ benadrukt een van de dames. “Hier kun je kennismaken met de ‘meester van het licht’. Hier krijg je meer informatie dan je ooit in een boekje kunt vinden.” En de meeste bezoekers weten dat ook en komen speciaal hiervoor.  En wie weet krijg je daarna de behoefte om door te rijden naar Schiphol om daar het vliegtuig naar New York of Washington te nemen.


Het leven van Vermeer, voor zover we dat kennen, zit vol met cliché’s . Zijn vader was zijdewever en kunsthandelaar. Na zijn dood in 1652 erfde Johannes zijn handel. Zijn leermeester is niet bekend. Johannes trouwde in 1653 met Catharina Bolnes en moest voor dit huwelijk noodgedwongen overgaan tot het katholieke geloof, omdat zijn vrouw dit ook beleed. Het echtpaar kreeg veertien kinderen, drie ervan overleden nog tijdens het huwelijk. Hij werd in 1662 voor het eerst gekozen als hoofd van het St. Lucas Gilde, een verenging voor schilders en glazeniers. Door slechte economische tijden moest hij in 1672 zijn huis verlaten . Het gezin trok in bij zijn schoonmoeder. In 1673 overleed hij en liet weinig geld na en grote schulden. Zijn vrouw moest enkele werken verkopen om die schulden af te kunnen lossen. Tijdens zijn leven werd zijn werk niet echt gewaardeerd. De twee tot drie werken die hij per jaar maakte, brachten geen faam of rijkdom. Pas in 1866 kwam de waardering, toen de Franse criticus W. Bürger een biografie over hem maakte en hem beschreef als een onbekend en miskend genie, de ‘Sfinx van Delft’. Door zijn invloed ontstond er in de negentiende eeuw een jacht naar het werk van Vermeer, dat hierdoor voor een groot deel naar het buitenland verdween.


Terug naar het Centrum. Met de trap naar beneden kom ik in de ruimte waar de expositie van zijn werk te zien is. Als leuke introductie kun je kijken naar een erg mooie videopresentatie op een scherm van 12 meter breed. Je wordt in de sfeer gebracht, een soort presentatie van ‘zijn stad’, de stad waar hij zich thuis voelde,  met de hem bekende horizon en de in het water weerspiegelende luchten. Stad van de VOC, vanwaar de schepen vertrokken op hun reizen. De welvarende burgerij maakt de stad rijk, maar de stad werd ook begeerd door anderen, met name door Frankrijk en Engeland. Wapens en buskruit vullen de magazijnen en in 1654 wordt door een explosie van een kruitmagazijn een kwart van de stad platgelegd. Delft is dan dodelijk vernield, maar zes jaar later is er op het beroemde ‘Gezicht op de stad Delft’ geen spoor meer van te zien. Delft is en blijft de muze van Vermeer. Hij laat ons zien wat hij wil dat we zien.  


Johannes Vermeer Gezicht op de stad Delft (ca. 1660-1661)
Johannes Vermeer, Gezicht op de stad Delft (ca. 1660-1661)
Mauritshuis, Den Haag



Met mijn audio-apparaatje in de hand loop ik rustig langs alle werken die hier hangen. Het zijn goede kopieën op ware grootte die, zeker ook door de informatie op de bordjes, maar vooral door gebruik te maken van de audiotour, ineens erg levend worden. Een wereld vol licht, verstilling en raadselachtige verhalen maakt zijn wereld een boeiende wereld.  Een wereld met alleen maar schilderijen, geen etsen, geen tekeningen. Vijf schilderijen met klassieke bijbelse of allegorische onderwerpen, twee stadsgezichten, vier vrouwenkoppen en zesentwintig intieme scènes. En dan nog drie werken waarvan de echtheid nog niet voor 100 % is vastgesteld. Beginnend bij ‘Diana en haar nimfen’ , nog duidelijk onder de invloed van Utrechtse schilders zoals Hendrick ter Brugghen.  Het zijn qua stijl nog redelijk barokke werken, met wel als verschil dat iedereen hier gekleed is, terwijl dat op andere schilderijen met hetzelfde thema, niet zo was.
Na de eerste drie werken ben je al snel bij ‘De koppelaarster’ , een zeer beroemd werk. Behalve allerlei symbolen die betrekking hebben op de betaalde liefde, waarover straks meer, is dit een scène die in het volle leven van een bordeel speelt. Mogelijk is de lachende man links Vermeer zelf, toekijkend naar het meisje van lichte zeden dat centraal in het licht zit. Het is een tafereel uit het leven. De figuur links kijkt als  vrolijke toeschouwer naar het geheel. Het werk wordt algemeen beschouwd als een overgangswerk waarin de monumentale schilderstijl van Vermeers vroege werken nog wel aanwezig is, maar de onderwerpkeuze de nieuwe fase in zijn werk aankondigt.


Johannes Vermeer De koppelaarster (1656)
Johannes Vermeer, De koppelaarster (1656)
Staatliche Gemäldegalerie, Dresden



Via ‘Het slapende meisje’  en ‘Het brieflezende meisje bij het venster’  loop ik verder. Steeds weer treft mij de eenvoud van het onderwerp, geen overdadige voorwerpen op het doek , alleen die dingen die het verhaal moeten vertellen. Allereerst de dronken slapende meid , een duur tafelkleed, een witte wijnkan en een omgevallen glas. Het waren genrestukken, waarin Vermeer zijn verhaal wilde vertellen, omdat de mensen vaak nog niet konden lezen.
In veel werk komt de wijn terug, vaak in combinatie met de liefde, in welke vorm dan ook. Mooi is in dit centrum de ontwikkeling van Vermeer te volgen. Steeds meer werkt hij aan de werking van het zonlicht in de ruimte. Het betreft dan de weergave van de lichtval en het perspectief.

Van rond 1660 dateren de twee stadsgezichten, ‘Gezicht op Delft’ en ‘Het straatje’. Op beide werken treft de evenwichtige kleurverdeling me. Of het straatje nu wel of niet bestaan heeft in Delft, is van minder belang. De atmosfeer, de rust en de geborgenheid overheersen. Het stadsgezicht is een meesterwerk, waarop je tot in detail de stad kunt beschouwen.

Het houdt niet op. Werken als ‘De muziekles’ , de ‘Brieflezende vrouw in het blauw’ , ‘De melkmeid’ . Bij iedereen bekend, ook al ben je geen kunstkenner, je moet de afbeeldingen op een of andere manier eerder hebben gezien. Hetzelfde is natuurlijk het geval bij ‘Het meisje met de parel”’. Te pas en te onpas is de afbeelding gebruikt voor kalenders, agenda’s, koektrommels en veel andere zaken, terwijl het boek dat Tracy Chevalier over haar schreef, in 2003 zelfs verfilmd werd. Het is een mooi voorbeeld van een tronie, een typetje, een opvallend gezicht of gelaatsuitdrukking. Denk aan de ondeugende jongedame, de oude wijze man of de zorgzame huismoeder. In de zeventiende eeuw was dit een gewild genre. De dame heeft iets mystieks, waar je ook staat, ze blijft je aankijken. De ‘Mona Lisa van het noorden’ wordt ze genoemd. Je mag het best een sensueel schilderij noemen, de mond en de open ogen dragen hieraan hun steentje bij. Wie het model was, is niet bekend, hoewel er door deskundigen verschillende namen zijn genoemd, waaronder zijn eigen dochter Maria, die toen dertien jaar was. Op een subtiele manier is hier weer met licht en glans gespeeld en dit maakt het geheel erg levendig. Het blijft een meesterwerk, dat elke keer opnieuw de kijker blijft verrassen.


Johannes Vermeer Het meisje met de parel  1664
Johannes Vermeer, Het meisje met de parel  1664
Mauritshuis, Den Haag


Vermoedelijk vond Vermeer zelf zijn ‘Lof op de schilderkunst’ zijn mooiste werk. Hij laat ons kijken in zijn atelier. Goed is te zien hoe hij de schilderkunst zag en zijn rol daarin. Hij was een schilder met een grote wetenschappelijke belangstelling. Dat lees je hierin af, maar ook zie je aan het gereedschap dat hij toch de schilder was. Dit werk verkocht hij nooit, het bleef hangen in zijn huis tot zijn dood. Het grote werk werd op de onderste rand van de kaart gesigneerd met de meest volledige handtekening die we van hem  kennen. Landkaarten vormen trouwens een veel voorkomende achtergrond op zijn werk. De ruimte wordt mooi weergegeven, en het gordijn en de kroonluchter zorgen voor een mooie diepte. De lichtinval is weer treffend.

 

Johannes Vermeer Lof op de schilderkunst 1664
Johannes Vermeer, Lof op de schilderkunst ca. 1666
Kunsthistorisch Museum, Wenen


De werken blijven bekoren op een manier waarop je kunt vergeten  dat je met reproducties te maken hebt. Elk schilderij dwingt je als het ware om het goed in je op te nemen, bij je binnen te laten komen. Het is in eerste instantie niet nodig overal de gebruikte technieken te zien. Gewoon genieten van het licht, de composities, de kleuren, de ruimtewerking en de manier van verhalen vertellen blijft de belangrijkste boodschap. Doe met de aangeboden informatie wat je wil, maar geniet vooral van de personages die zich bezighouden met kantwerken, lezen, muziek maken of schrijven. Probeer ook eens zelf het verhaal te vinden voordat je de toelichting leest of hoort. Het Vermeercentrum is er goed in geslaagd hier de essentie van Vermeer uit te beelden en toe te lichten.

Maar met het tonen van de werken neemt men hier geen genoegen. De eerste verdieping toont ‘De ateliers van Vermeer’. Hier probeert het centrum meer te vertellen over de techniek en de achtergrond van de schilderijen. Onderverdeeld in een lichtatelier, een kleurenatelier, het atelier van het perspectief en het verhalenatelier, kun je zelf ontdekken hoe hij werkte met licht en kleur. Daar waar veel schilders in de Gouden Eeuw een stuk of twintig pigmenten gebruikten, had Vermeer er genoeg aan zeven tot tien. Een beperkt palet dus. Met een mooie presentatie kun je hier zelf mee spelen. Een camera obscura maakt het mogelijk zelf te experimenteren. De figuren van Vermeer staan nooit op de voorgrond. Hij zorgt dat er vrijwel altijd iets in de weg staat, een tafel, een personage, een gordijn, vaak donkerder dan de achtergrond. Dit wordt repoussoir genoemd (uit het Frans, betekent terugduwen), waardoor de ruimte wordt gesuggereerd. Het lichtatelier geeft tekst en uitleg over hoog licht, spiegelingen, vallend licht, licht op licht en duidelijk en helder. Het licht bij Vermeer komt meestal van één kant, vaak van links, net zoals onze leesrichting. Het licht kan helder zijn, gefilterd, gereflecteerd, zacht, hard, blinkend, strijkend, altijd anders dus. In deze ateliers is heel veel te leren over de manier waarop hij werkte en over de materialen die hij gebruikte. Wil je Vermeer beter leren kennen, dan is deze verdieping van het centrum gewoon een must !

Tot slot is er op de tweede verdieping ook iets boeiends te zien. Hier is het thema ‘Liefdesboodschappen van Vermeer’ helemaal uitgewerkt. Op sommige doeken is dat erg duidelijk, maar soms moet je de onopvallende details echt zoeken. De tentoonstelling legt dat meer dan goed uit. Niet alleen de romantische liefde wordt getoond, ook de verleidende, de betaalde en de onbereikbare liefde.
Om die betaalde liefde even te illustreren, ga ik even terug naar het schilderij van ‘De koppelaarster’ . Symbolen die je op dit werk terugvindt, zijn het feit dat de koppelaarster geld wil hebben en dat het meisje dat centraal staat een jonge vrouw is. De verentooi op de hoed van de klant was een symbool van lichtzinnigheid. Van de cister, de kleine luit , wordt alleen de nek op een suggestieve manier getoond en ook de open hand van de dame vertelt wel iets.

Het Vermeercentrum laat ons vooral kennismaken met die aspecten van de schilder die de waardering voor zijn werk alleen nog maar groter maken. Het is een geslaagde opzet.Een journalist van het NRC schreef op 21 april 2007 al: “Nu is alles weer terug op de plek waar het hoort. Dichter bij Vermeer kun je niet komen.”  Hij heeft gelijk.


Het Vermeer Centrum is gevestigd op de historische locatie van het voormalige St. Lucasgilde waar Vermeer jarenlang hoofdman van de schilders was.


Het Vermeer Centrum
Vermeer Centrum Delft



Voldersgracht 21
2611 EV Delft
tel. 015-2138588
www.vermeerdelft.nl


  • 18-1-2012

Comments (0)

Post a Comment
* Your Name:
* Your Email:
(not publicly displayed)
Reply Notification:
Approval Notification:
Website:
* Security Image:
Security Image Generate new
Copy the numbers and letters from the security image:
* Message:

Was it of interest?  Why not share it with others!